vrijdag 18 september 2009

Geliefde hoogleraar Herman van Geijn neemt afscheid

AMSTERDAM - Halverwege valt het interview even stil. De vraag waarom hij voor verloskunde koos, roert hem. Hij verontschuldigt zich voor de glimp van emotie. "Dit was niet de bedoeling." De herinnering aan het waarom is nog niet vervaagd. Het tekent de mens prof. dr. Herman van Geijn (1945). Een man die nog zeer betrokken is bij zijn werk als verloskundige en gynaecoloog. Op 5 juni neemt de geboren Fries afscheid van VUmc.

Op een jaar na is Van Geijn drie decennia verbonden aan VUmc. Hij kan terugzien op een afwisselende loopbaan, die hem van jongste staflid bij de afdeling verloskunde en gynaecologie tot zijn benoeming als hoogleraar bracht. Zijn rol als opleider en hoofd vervulde hij met verve, de patiënt stond centraal. De geboren Heerenvener zegt minder met gynaecologie te hebben dan met verloskunde. “Daar lag mijn primaire belangstelling, dat heeft te maken met een traumatische ervaring tijdens mijn co-assistentschap. Toen dacht ik: ik kan mogelijk iets betekenen in de verloskunde. “High-risk verloskunde, met name de preventie van vroeggeboorte, had zijn bijzondere interesse. “Vroeger stierf 85 procent van te vroeggeboren kinderen kort na de geboorte. Dat is typisch iets waarvan ik denk; dat moet je voorkomen. Of me dat ook gelukt is? Op individueel patiëntniveau wel, nationaal en internationaal gezien maar mondjesmaat.’’

Tegenvaller

Foetale bewaking zal in zijn afscheidsrede de hoofdmoot vormen. “Ik vind dat we in Nederland serieuzer met foetale bewaking moeten omgaan. Er gaat teveel mis. Een groot probleem hierbij is dat de middelen heel beperkt zijn. We gebruiken technieken die heel indirect zijn, maar waar we heel belangrijke beslissingen op moeten nemen. West-Europa staat in vergelijking met Afrika, Azië en Latijns-Amerika verloskundig aan de top, maar Nederland niet. Dat valt tegen, maar waar het aan ligt, is niet duidelijk.’’ Van Geijn verrichtte veel onderzoek naar het effect van medicatie, de invloed van stressfactoren en het nut van operatieve ingrepen. Centraal in zijn werk stond steeds de patiënt. “Ik vind dat alles wat je binnen een ziekenhuis doet om de patiënt heen moet bouwen. De patiënt mag nooit ontevreden van je spreekuur weggaan. En heb je op een bepaald moment te weinig tijd, dan moet je zorgen dat je opnieuw tijd maakt. De bejegening van de patiënt speelt daarin ook een grote rol. Niet alleen luisteren, maar ook inzicht geven in het proces. Waar liggen de mogelijkheden en hoe benutten we die?’’

Geliefd

Respect voor anderen is voor Van Geijn een vanzelfsprekendheid. “Dat verdient iedereen, en krijg je dat niet, dan kan je het opeisen. Ik werk graag horizontaal.’’ Naar verluidt is Van Geijn geliefd bij zijn medewerkers. “Ik heb de indruk dat ze me wel mogen,’’ reageert hij bescheiden. Met voldoening kijkt Van Geijn op zijn werkzame leven terug. Promoties volgden elkaar op een haast ‘natuurlijke’ wijze op. “Ik heb een tijdje in de VS gewerkt en daar zei een collega tegen me: ‘you have a golden spoon in your mouth’. Ach, je bent toevallig net ergens op het juiste moment.’’ Na 5 juni zal hij samen met zijn vrouw in hun huis in het Franse Touraine de geneugten van het vrije leven opsnuiven. Zelfs een tijdelijk terugkeer naar zijn werk zit er niet in.“Dat is ook wat mij typeert. Ik vind het moeilijk om terug te komen in een setting waarin het niet meer zo is als het was. Ik heb heel lang gevoetbald, maar nu ga ik niet meer naar een wedstrijd van mijn team kijken. Nee, klaar ben ik niet, maar met dit werk ik ga wel stoppen. Ik wil aan mijzelf denken en aan mijn vrouw. Ze heeft me veel moeten missen.’’

Geen opmerkingen:

Een reactie posten